Het Spaanse culturele erfgoed kan op vele manieren beleefd worden, en één ervan is via de grote routes die het schiereiland structureren. Weg van het massatoerisme, tonen deze routes de reiziger het meest authentieke van ons land, waarbij de artistieke of natuurlijke, landelijke of stedelijke persoonlijkheid blootgelegd wordt.

De geschiedenis van Spanje is de geschiedenis van haar bewoners en van de wegen die deze liepen, fysieke of spirituele wegen die hun afdruk achterlieten in tradities, architectuur, cultuur, geloof…

Afhankelijk van zijn behoeften heeft elk volk zijn invloed uitgebreid over de verschillende zones en verbond deze middels wegen. Een deel van de huidige routes die het schiereiland van noord naar zuid, van oost naar west (Zilverroute, Kalifaatroute, tocht van Sefarad) afleggen, zijn hier een resultaat van. Andere routes zijn gebaseerd op gemeenschappelijke elementen die in de loop van de geschiedenis ontwikkeld zijn (Tocht van het Spaans), of genietend van de natuurlijke omgeving waarin hun dorpen liggen (Het Groene Spanje, Pyreneeën).

De Pyreneeën hebben altijd gefunctioneerd als een defensieve vesting van het Iberisch schiereiland. Achter haar muren bevinden zich schitterende landschappen waar de enorme rotsen verzameld liggen of zich verspreiden aan de voet van kolossale muren waarvandaan of waartegen bergstromen lopen; pijnboom- en beukenbossen, dichte wouden, velden van varens, weides waarvan de groenheid de kristalheldere waters van de bronnen die aan alle kanten ontkiemen, in stand houden; zoals Lucient Briet deze beschreef. Dit zijn uitgelezen, harmonische landschappen, vol met unieke soorten als de lammergier of de sneeuwbloem of edelweiss; populaire of mythologische personen als de Olentzero en de zangarrones in de dalen van Navarra, of de diaples of de basajarau in Aragón; en architectonische uitingen in de Romaanse kerken van Vall de Boí, in Jaca, Roncesvalles, Pamplona, Aínsa…

Het is juist daar in het geaccidenteerde gebied van de Pyreneeën waar de bekendste van de Spaanse routes, de Tocht naar Santiago, begint. Een pelgrimstocht die als navelstreng gediend heeft tussen Spanje en Europa, via welke de romaanse stijl, de gotiek en de Europese culturele en filosofische stromingen het schiereiland binnen zijn gedrongen. De tocht begint in de Pyreneeën en wordt beetje bij beetje vlakker via Navarra, La Rioja en Castilië, waar de vlakte van de velden helpen bij de meditatie en de eenzaamheid. In Galicië, is het landschap en de natuur een voorbode van de nabijheid van de heilige plaats, Santiago de Compostela.

Kastelen, kloosters, herbergen, kerken, paleizen en dorpen vullen de tocht met artistieke monumenten die een afspiegeling zijn van de weelde van vervlogen tijden.

De Spaanse taal doemt op onder de hoede van de Tocht naar Santiago, in de kloosters van Suso de San Millán de la Cogolla (La Rioja) en Santo Domingo de Silos (Burgos), resultaat van culturele stromingen die de Tocht liepen. De Tocht van het Spaans gaat verder in de universiteiten van Salamanca, alwaar Nebrija de eerste Spaanse Grammatica publiceerde, in Valladolid en Alcalá, kwamen werken, hoogtepunten van de universele literatuur, tot stand komen. Ávila vormt ook deel uit van de genoemde steden dankzij de verzen van Santa Teresa en San Juan de la Cruz.

Galicië, waar het eindpunt van de Tocht naar Santiago ons achtergelaten had, is een goed voorbeeld van het Groene Spanje, waar de zee, de bergen en haar mensen een uniek landschap gecreëerd hebben, gevormd door de diverse volken die deze plaatsen bevolkt hebben in de loop van de geschiedenis. Het Groene Spanje is de zee waarvan in de Rías Baixas, de Smaragdkust of aan de Baskische kust genoten word. Het is gastronomie, traditioneel in Galicië, Asturië en Cantabrië en in het bijzonder vernieuwend in Baskenland.

Het Groene Spanje zijn dorpen die omgeven zijn door natuur en gemarkeerd worden door onophoudelijk regenen hetgeen van haar bossen bekoorlijke plaatsen voor xanas, cuélebres, duendes maakt… Het Groene Spanje, is ook tradittie en bijgeloof: meigas (tovenaressen), aquelarres (heksensabbat), queimadas (gestookte brandewijn met suiker en citroen uit Galicië), cider, autochtone sporten…

Vanuit Asturië, met name vanuit Gijón (Asturië), start de Zilverroute, die oorspronkelijk de steden Astorga met Mérida verbond. In Astorga verbond de oorspronkelijke Zilverroute met de wegen die richting de noordkust via Oviedo tot aan Gijón liepen. Dit is daarom de belangrijkste wervelkolom van het westen van het schiereiland sinds de Romeinse tijd geweest. Daardoor hebben de steden onderweg in de loop der eeuwen een indrukwekkend erfgoed van bruggen, kathedralen, paleizen, enz. zien doen oprijzen, die tegenwoordig nog een onvergelijkbare erfenis vormen, met diverse verzamelingen bouwwerken die door de Unesco uitgeroepen zijn tot Werelderfgoed, zoals Cáceres en Salamanca.

De Zilverroute eindigt in Sevilla, waar Washington Irving in 1829 de dromerige ziel van het erfgoed van Al Ándalus ontdekte, bestaande uit betoverde paleizen, gehuld in de legende van vervlogen tijden. De route loopt tussen Sevilla en Granada, waar de schrijver zich verplaatste op zoek naar de ziel van de legendarische Al Ándalus.

In Granada eindigt de route van het Kalifaat na tweehonderd kilometer te hebben gereisd door Córdoba en Jaén. De route vertrekt in de stad Córdoba, oude hoofdstad van Al Ándalus, die over prachtige wonders bezit zoals de Grote Moskee. En al verdergaand, Montilla, wijnstad, met zijn kasteel en zijn huis van de Inca, of Baena, met zijn witgekalkte huizen van een vlekkeloos wit.

Granada ontvangt ons aan het einde van de tocht om ons de Alhambra en de Generalife te tonen, net zoals de kathedraal of de buurten Albaicín en Sacromonte, die zo vervuld zijn van legendes, zodat het bijna ongelofelijk lijkt dat ze echt bestaan.

Cáceres en Córdoba zouden goed het beginpunt kunnen zijn om het culturele erfgoed van het Joodse volk middels de Routes van Sefarad, te leren kennen, welke de inspanningen van de Joodse gemeenschap, die gedurende eeuwen in Spanje woonden, vertegenwoordigen: Hervás, Girona, Toledo, Segovia, Tudela, Tortosa, Ribadavia of Oviedo beschikten over grote en invloedrijke Joodse gemeenschappen.

Als de Tocht naar Santiago de route der routes is, pronkt Spanje met de titel van het land ter wereld met de meeste steden die uitgeroepen zijn als Werelderfgoed, waarvan het merendeel verbonden is aan de grote routes van de volken die net belopen zijn: Santiago de Compostela, Alcalá de Henares, Ávila, Cáceres, Córdoba, Salamanca, Segovia of Toledo. Hierbuiten zijn Segovia, Cuenca, Eivissa of San Cristóbal de la Laguna, gebleven, een duidelijk voorbeeld dat heel Spanje een grote route is die de moeite waard is te belopen.




Is deze informatie nuttig voor je geweest?




Niet te missen



X
Spain SevillaBarcelonaMadridCordobaMalagaValenciaA CoruñaCadizGranadaHuescaCaceresCantabriëGuipuzcoa - GipuzkoaAlicante - AlacantPontevedraMurciaLleidaLa RiojaAsturiëCastellon - CastellóVizcaya -VizkaiaToledoGironaLugoAlava - ArabaJaenBurgosAlmeriaTarragonaHuelvaLeonTeruelAvilaSalamancaSegoviaCiudad RealZaragozaValladolidCuencaBadajozNavarraZamoraPalenciaOurenseSoriaAlbaceteGuadalajaraCanarische EilandenBalearen
X
Baleares MallorcaIbizaMenorcaFormentera
X
Canarias LanzaroteLa PalmaGran CanariaTenerifeFuerteventuraLa GomeraHierro